Minister van Buitenlandse Zaken Bert Koenders
Minister van Buitenlandse Zaken Bert Koenders

Nederlandse regering wijst oproep af financiering Palestijnse groepen te beëindigen.

Door Adri Nieuwhof 

De Nederlandse regering heeft verzoeken naast zich neergelegd om financiering te stoppen van organisaties die voor een boycot  van Israël pleiten.

In juni 2016 claimde NGO Monitor – een lobby groep met nauwe banden met het politieke en militaire establishment in Israël –  een belangrijke overwinning in Nederland.

NGO Monitor refereerde aan een motie aangenomen door de Tweede Kamer die herziening bepleit van overheidshulp aan organisaties die de door Palestijnen geleide beweging  voor boycot, desinvestering en sancties (BDS) steunen. Volgens NGO Monitor was de stemming in het parlement het resultaat van de door de lobbygroep opgestelde rapporten over hoe “radicale” activisten betrokken waren bij de “demonisering” van Israël.

De regering in Den Haag heeft nu duidelijk gemaakt dat zij voorstanders van BDS niet van financiering zal uitsluiten.

Uitsluiting is niet bevorderlijk voor “gezonde relaties tussen overheid en maatschappelijk middenveld”, schreven de ministers Bert Koenders en Lilian Ploumen in antwoord op vragen van de Commissie Buitenlandse Zaken van de Tweede Kamer. De Commissie had zich gebogen over de actie die ondernomen moest worden na het aannemen van de motie in juni.

Discriminatie?

De twee ministers wezen de oproep af om BDS activiteiten te bestraffen die om “discriminatie” van Israël zouden gaan.

De rechten van de mens, waaronder het verbod op discriminatie, beschermen het individu en groepen van individuen, volgens de twee ministers.  Deze bescherming strekt zich niet uit tot staten. “Op basis van de vrijheid van meningsuiting is het toegestaan een regering op te roepen sancties te treffen tegen een ander land”, stelden zij.

Nederland wordt al lange tijd door Israël als een bondgenoot gezien en de verklaring van de twee ministers zal dat beeld waarschijnlijk niet veranderen. Ondanks de bereidheid  van de ministers om het recht om voor een boycot op te roepen te verdedigen, deelt Nederland het streven van de Europese Unie om de handel met Israël uit te breiden.

BDS

Desondanks lijkt de reactie van Koenders en Ploumen een breuk te markeren met de standpunten van vorige regeringen: Uri Rosenthal, minister van buitenlandse zaken van 2010 tot 2012, sprak zich destijds uit tegen het toekennen van overheidsgeld aan organisaties die de rechten van Palestijnen verdedigden. Rosenthal beloofde CIDI, een Nederlandse lobbygroep voor Israël, dat er “ingegrepen zal worden in het geval organisaties tegen het Nederlandse beleid ingaan.”

Ondanks deze belofte bleef Nederland klachten ontvangen van de Israël lobby. NGO Monitor richt zich in het bijzonder tegen de Nederlandse financiële steun aan het zogeheten Human Rights and International Humanitarian Law Secretariat. Deze organisatie verstrekt subsidies aan Palestijnse mensenrechtenorganisaties waarvan sommige ook de oproep tot BDS steunen.

De recente toezeggingen wijzen er op dat Palestijnse rechtenorganisaties hulp van de Nederlandse overheid zullen blijven ontvangen.

Dit artikel verscheen op 7 december 2016 op de nieuwssite The Electronic Intifada

Het uitgebreide antwoord van de Minister van Buitenlandse Zaken over het recht op BDS vind u hier.